Over een dobbelsteen

Mijn tijdelijk arbeidscontract wordt omgezet naar een contract van onbepaalde duur. Het heeft wat geduurd vooraleer ik voor mezelf kon uitmaken of ik dit nu wou of net niet. En overleggen met de boyfriend zat er nu eenmaal niet in, dus die beslissing moest ik helemaal alleen maken. Maar anyway, aanblijven betekende/betekent positief bekeken een zekerheid van inkomen. Deze part-time job, van een dag of drie per week, enkel in de voormiddag en zonder ook maar enig woon-werk-verkeer (wegens werk in eigen straat), levert me genoeg geld op om van te kunnen leven én laat me daarnaast voldoende tijd en energie om eventueel bijkomend andere dingen te kunnen doen. En niet onbelangrijk: het vrijwaart me van enige omgang met de trajectbegeleiders van VDAB. 

Over die begeleiding van werkzoekenden door VDAB valt eigenlijk wel wat te vertellen. Niet dat ik dat nu ga doen, laat het me voorlopig maar houden op het volgende. Dat er wellicht werkzoekenden zijn die dat heel nuttig vinden en die de contacten ervaren als helpend en ondersteunend. Maar zelf had ik vorig jaar toch andere gedachten. Zelfs in die mate dat het mee de oorzaak was dat ik terug richting depressie ging en ik zes maand ziek geweest ben. 

Terug naar mijn werksituatie nu. We moeten eerlijk wezen: het ruikt er niet altijd naar rozen en ook heeft de verlichting weinig van doen met de maan. Er zijn wel degelijk enige nadelen en die hebben voornamelijk te maken met een lichte vrees voor een te verwachten gevoel van saaiheid en een gebrek aan uitdaging. Het werk is alle dagen een voortdurende herhaling van alsmaar hetzelfde en soms tijdens conversaties/monologen met/van bepaalde collega's lijkt het alsof ik gestaag hersencellen voel afsterven. 

Maar hey, "Alea iacta est", zou Bart De Wever er over zeggen. 

Ik heb toegezegd te blijven. 

Reacties